Opwarmen voor het wandelen: belangrijk of niet?


Wandelen is een activiteit met een lage kans op blessures. Maar toch is een opwarming belangrijk, zeker als je voordien bijna nooit gewandeld hebt is het verstandig om toch rustig in te wandelen. Door een opwarming in te lassen verhoogt de effectiviteit van de training. Het lichaam maakt adrenaline aan en de zuurstofopname van het bloed wordt verhoogd. Sla de warming-up dus niet over.

Besteed zo’n 5 tot 10 minuten aan een lichte activiteit zoals heel rustig wandelen zodat je spieren de kans krijgen op te warmen en je hartslag omhoog gaat. Dit stimuleert de doorbloeding en verbetert de soepelheid van de spieren. Schud hierna de lichaamsdelen goed los en sluit af met enkele kleine versnellingen zodat je spieren klaar zijn voor de losmakende oefeningen en de stretching. Rekken en strekken doe je dus nooit aan het begin van de opwarming. De lengte van de warming-up is afhankelijk van de weersomstandigheden. Bij koud weer moet je meer tijd voorzien voor de opwarming. Specifieke rekoefeningen kan je terugvinden in het artikel ‘stretchoefeningen’.


Terug naar overzicht